Ik ben nog verder aan het terugwerken met mijn blog.
Alles wat hier natuurlijk is kost geld.
We hebben een geiser, zien? Kost je veel geld. Er zwemmen hier walvissen? Heb je een honderdje ofzo? Wil je de albatrossen zien? Dan mag je betalen. We hebben een hek om hun landingsplaats gezet.
Begrijpelijk en soms irritant. Prijzen gaan gauw boven de 70 dollar en tot de 200 hoef je niet echt te knipperen. Een dollar is 2/3 euro, ik reken met 0,7, dan valt het straks mee.
Dus op Otago Peninsula kan je pinguïns zien met een tour, albatrossen in hun afgeschermde kolonie, als je centjes laat zien. Dus vanaf de parkeerplaats is het ook spotten geblazen.
Behalve op Sandfly Bay. In tegenstelling tot het eerste vermoeden heeft het niks met gemene zandvliegen te maken, maar het zand vliegt hier zelf, door de harde wind. De zeeleeuwen liggen op het strand. Eng. Advies is 20 meter afstand en niet tussen hen en de zee. In de praktijk betekent dat 4 meter langs de branding lopen onderlangs. Bovenlangs kan dan niet eens. En ze zijn groot en eng, zelfs als ze slapen.

De pinguïns vragen wat geduld en een betere zoomlens dan ik had, maar ik zal zelf wat knippen om jullie een zoekplaatje te voorkomen. In totaal 5 pinguïns gezien, yellow-eyed en de kleine blauwe. Liehief! Op plaatje beide…

De zee was trouwens compleet heftig. Fantastisch mooi.

De zonsondergang natuurlijk bijzonder…alleen ik bleef er niet op wachten en ben gaan eten. Een wijziging in sluitertijd geeft wel een indruk 😉

