En daar gaan we (Ik en Subje). Zonder codeïne, om helder te blijven bij het rijden. De tocht naar FJ van 2 uur was namelijk al dodelijk vermoeiend. Ik weet niet hoeveel daarvan door de medicijnen kwam. Mam vertelde vanochtend dat codeïne in de lever omgezet wordt in morfine. Daarom dus de waarschuwing van kans op verslaving.
Minimaal had ik een tocht van 4 uur zonder stops voor de boeg. Dan zou ik blijven in Wanaka. De bedoeling was 2 dagen in Queenstown, 1,xx uur verder, om een dag de auto ook te kunnen laten staan en wat meer te ondernemen.

Tja, en reizen zonder tussenstop is niet mogelijk hier. Elke bocht levert weer een verrassing. Heb je net een serie foto’s geschoten, de auto in, sandflies die meevliegen ombrengen, kan je er na de volgende bocht weer uit voor de volgende fotoshoot. Geloof me, normaal geen probleem, maar uitstappen is nu wel pijnlijk. Rijden is redelijk te doen.
Dus mijn opmerkingen werden wat onsubtiel. De bocht om…”k*t”, “neeeee, niet weer”, “@&$<{%>“. Het was weer erg mooi. Dus ook foto’s vanuit het raampje, foto’s tijdens het rijden of gewoon maar even niet. Daarvoor heb je twee mensen nodig, eentje die rijdt en eentje die met de camera klaarzit.


Ik vraag me trouwens af wat het moeilijkste te verleren is. Het links rijden, wat me goed afgaat, of het tegen mezelf praten, wat me ook goed afgaat (vind ik ook, ja ik ook, Danielle je bent geweldig, ja weet ik).
En ik heb Queenstown gehaald. Subje geparkeerd bij het hostel, een tweepersoonsbed voor mijn alleen, nu in de pub een hapje eten. Beef Wellington, net als de stad, niet mijn eten.
Even de stad bekeken en gebeld met familie. Nu terug naar het hostel, bedtijd.

